Citadelpark Gent

Buskruitfabriek Cooppal Wetteren

Vliegvelden WO I Regio Gent

WO I Munitiepark Kwatrecht

De Dodendraad

De Hollandstellung - Duitse WO I bunkerlinie

Reichsschüle Flandern - SS-School Kwatrecht

Duitse Atlantic Wall Radarpost - Goldammer

WOI en II Munitiedepot De Ghellinck Zwijnaarde

Duitse gangen onder centrum Gent WOII

Schuilplaatsen voor havenarbeiders Gentse kanaalzone uit de koude oorlog

Het Fort van Eben Emael

KW-linie

WO I - Kwatrecht - Melle

18 daagse veldtocht gekoppeld aan TPG

Neergestorte B17 te Kwatrecht 19-09-1944

De bevrijding WO II van de regio rond TPG

Toestand Belgisch leger ten tijde van mei 1940

Gesneuveldenlijsten:

Contact en onbeantwoorde vragen

Media-aandacht

Copyright

Links

Beschrijving van bruggenhoofd Gent.

Bouwproject D: De bouw van 43 bunkers op het grondgebied van Oosterzele, Moortsele, Landskouter, Gontrode, Gijzenzele en Melle.

Aannemer: "Entreprises Hydrauliques et de Béton Armé".

De bouwfirma was een zekere firma "'Entreprises Hydrauliques et de Béton Armé".Zelf kortte de firma op briefwisseling zijn naam af als E.H.B.A. SA. Het originele adres voor de briefwisseling was gevestigd in de Rue Lamonière 159 te Antwerpen. Op deze locatie vindt men heden enkel grotere herenhuizen zonder enige directe link naar deze verdwenen firma terug. Op dezelfde briefwisseling beschrijft de firma zichzelf als gespecialiseerd in waterwerken en gewapend beton. In de jaren '30 werd de firma beheerd door 2 beheerders. De eerste beheerder was Mr Emiel Van den Bergh, woonachtig op de Koninklijkelaan 44 te Berchem. Heden bevindt zich op deze locatie een apartementsblok met op het gelijkvloers een aantal winkels die niet direct koppelbaar zijn naar een bouwfirma. De tweede beheerder was Mr Frans Verburght woonachtig op de Sterrenlaan 46 te Wilrijk. Heden bevindt zich op dat adres een Financieel consulting bedrijf zonder enige link naar wat we hier zoeken. De firma E.H.B.A. SA komt men ook nog tegen voor de bouw van andere later gebouwde bunkerprojecten in België maar een echt spoor naar wat er met de firma is gebeurd of is geworden, blijft een raadsel. Van zodra er bijkomende info wordt gevonden, krijgt u het hier zeker te lezen. Van de andere kant blijft alle bijkomende info zeker welkom.

Enkele bedenkingen bij het bouwproject D.

De firma stond in voor een vrij ruim pakket van bunkers op de linie. Er zaten bunkertjes van allerlei aard van camouflage in hun pakket van te bouwen bunkers. Hetgene men wel veel terugvindt in dit project, zijn praktisch identieke bunkertjes. Zo vindt men een aantal gecementeerde bunkertjes (uitzicht van een huisje) die praktisch volledig identiek zijn qua uitzicht. Ze zijn hoogstens gespiegeld of dergelijke ten opzichte van elkaar. Ook vindt men bij deze bunkertjes heel vaak het uitzicht terug van twee ramen die de schietgaten verbergen en op de kant die het best wordt gezien vanuit de omgeving nog één extra vals raam.

De afwerking van de bunkertjes die ommuurd waren met baksteen is vrij eenvoudig. Zo zijn de lintelen boven de ramen meestal gemaakt met klassieke betonnen gegoten balkjes. Meestal zijn ze niet uitgewerkt met kopse gemetste stenen of dergelijke. De beide vorige opmerkingen hebben misschien beiden wel te zien met de grootte van het project, en de beperkte tijd die maar ter beschikking gesteld werd om het project af te werken.

De onteigeningen voor bouwproject D zijn gestart op 12 december 1934 met de onteigening voor de bunker D18 te Melle. Dit betekent meteen de start van een grote reeks onteigeningen die zou eindigen op 15 maart 1935 met de onteigening nodig voor de bouw van de voorliniebunker A31.

Daarna volgen nog geleidelijk met grotere tussenpozen bijkomende onteigeningen voor dit project. Uiteindelijk moet men toch ook vaststellen dat dit project zeker niet vlot is afgehandeld geraakt.

Op 4 april 1935 volgt de onteigening van de vooruitgeschoven bunker Av11 (schaapstalbunker te Gijzenzele).

Op 27 juni 1935 komt er eindelijk schot in de onteigening van de nodige terreinen op Betsberge Bos. De eerste onteigeningen aldaar zijn deze voor de bunkers Be14, Be15 en Be19. Deze terreinen waren eigendom van Dhr Georges Bouckaert. Ook de onteigening van A32 zou tot deze periode uitlopen omdat dit een onteigening betrof bij de Société de Chemin de Fer Vicinaux (de tram). Gezien dit niet zoals de Belgische spoorwegen staatseigendom betreft, werden hier wel degelijk onteigeningen voor gedaan.

Op 23 juli 1935 zou een zeer grote onteigening afgehandeld worden op de terreinen van Betsbergse Bossen. De rest van de nog niet in de bossen onteigende gronden waren namelijk origineel eigendom van de Gentse familie Hye Hoys.

Het mag dan ook meteen duidelijk zijn dat ook dit project onmogelijk binnen de periode van 8 maanden na het tekenen van de aanbesteding op 3 februari 1935 kan afgehandeld zijn.

Op 18 september 1935 volgt nog een herziening van de te gebruiken erfdienstbaarheden voor de bunker B40. Dit duidt er dus al op dat de werken voor die bunker toen zeker nog niet gestart waren.

De terreinen voor de bunker Av12 geraken pas onteigend op 18 oktober 1935.

Er duiken zelfs nog enkele dossiers terug te vinden die echt pas extreem laat afgehandeld geraken. Zo geraakt de onteigening voor de bunker B39 (Gontrode) pas afgehandeld samen met een ganse reeks onteigeningen in de regio Astene en Nazareth. Dit terrein was namelijk eveneens bezit van de Gentse Commissie voor openbare onderstand.

Voor dit bouwproject dat erg geplaagd wordt met zeer drassige gronden, zouden in 1937 nog een heel aantal aktes opgesteld worden voor bijkomende drainagewerken.

Dit project kent ook wel een aantal echte probleemdossiers. Zo wordt vrij laat nog beslist de bunker Av11 te bouwen op een beperkt gewijzigde lokatie ten opzichte van wat men origineel voor ogen had. Gelukkig blijkt het terrein dat men wisselt voor de onteigening eigendom te zijn van dezelfde eigenaar. Door de omwisseling, vallen een aantal eerder voorziene tijdelijke en permanente erfdienstbaarheden definitief weg.

Ook de onteigening van een gedeelte van de terreinen nodig voor de bunker A37 (grondgebied Gijzenzele) zouden pas afgehandeld geraken via een gerechtelijk akkoord omdat eigenaar en militaire overheid het niet eens konden worden via de klassieke weg.

Overzicht van de gebouwde projecten met bijhorende prijzen. Hoe deze prijzen gaan interpreteren.

Het lijkt niet zo evident een degelijke omrekening te vinden tussen de waarde van 1 BEF in 1934 en 1 BEF anno 2013 (verhouding 1€ = 40.3399 BEF). Dank aan enkele professoren van de Unief Gent die hielpen aan een vlotte omrekening te komen, met name Mr Eric Vanhaute en Mr Wouter Ronsijn. Hierdoor kan ik u toch een gefundeerde omrekening geven om een vlotte beoordeling en interpretatie mogelijk te maken.

Als we zuiver op basis van de consumptieprijsindexcijfers 1934 met 2013 gaan vergelijken moet men vaststellen dat door de inflatie van de Belgische Frank in de periode tussen 1934 en 2013, deze ene BEF in 1934 reeds moet aanzien worden als 35 BEF in 2013. Om deze reden zou men dus alle prijzen die u in de volgende tekst vindt, moeten vermenigvuldigen met een "factor 35" om in 2013 over dezelfde som geld te spreken.

Daarnaast zit men nog met de parameter dat heden de lonen wel gekoppeld zitten aan de consumptieprijsindex maar dat dit zeker vroeger niet altijd het geval is geweest. Zo diende in 1934 een ongeschoolde arbeider (loon +/- 4.10 BEF/uur) ongeveer dubbel zo lang te werken om die ene BEF te verdienen vergeleken met deze zelfde ongeschoolde arbeider in 2013 (loon +/- 305 BEF/uur of 7.56 €/uur) diende te werken voor deze eerder gemelde 35 BEF te verdienen. De werkelijke verhouding is ongeveer 0.47.

Dit maakt dat als men wil de prijzen gaan vergelijken met prijzen die evenveel doorwegen op het loon van een arbeider heden in 2013, we de eerder gevonden 35 BEF nog eens dienen te delen door 0.47. Op die wijze komt men dus rekening houdend met de levensduurte uit dat:

1 BEF in 1934 ongeveer overeenkomt met een bedrag van 74 BEF (1.84€) in 2013, een "factor 74" dus.

Bouwproject D: 43 bunkers

Telling Nr Oud nr Totaal Totaal Herziene
      prijs prijs prijs
      Herrekend Herrekend + gekende
      verh. Tot verh. Tot geschatte
      bestek D1 bestek D2 meerprijzen
1 A36 DG2      
72040,87 58227,28 58727,28
2 A37 DG3      
71893,91 58355,63 58855,63
3 AV10 DG4      
78140,14 62761,70 63261,70
4 AV11 DG5      
75685,73 62415,52 92915,52
5 AV12 DG6      
80257,44 68233,65 98483,65
6 A38 DG7      
72438,24 58900,14 59400,14
7 C16 DG8      
71867,93 56886,83 57386,83
8 D17 DG9      
46173,95 38624,00 38874,00
9 B39 DGO1      
44411,62 36693,71 36943,71
10 B36 DL1      
75011,45 60855,05 91355,05
11 B37 DL2      
47135,42 39820,65 40070,65
12 B38 DL3      
48957,67 39410,74 39760,74
13 D18 DM1      
71350,16 57503,03 58003,03
14 Be18 DMO1      
48436,34 38582,07 38832,07
15 C14 DMO2      
64962,81 54010,67 54260,67
16 B34 DMO3      
47616,24 38258,29 38508,29
17 B35 DMO4      
48531,15 39357,75 39607,75
18 A31 DO1      
72392,33 59134,16 59634,16
19 A32 DO2      
88077,46 73802,14 74052,14
20 Be1 DO3      
48406,41 38656,73 38906,73
21 Be2 DO4      
70520,17 56628,21 57128,21
22 Be3 DO5      
70506,37 56519,32 57019,32
23 Be4 DO6      
42236,13 34533,84 34533,84
24 Be5 DO7      
106322,69 85505,86 115755,86
25 Be6 DO8      
48513,87 38872,64 39122,64
26 Be7 DO9      
78154,00 62893,48 63393,48
27 Be8 DO10      
93561,16 75145,51 105395,51
28 Be9 DO11      
89219,69 71421,85 101921,85
29 Be10 DO12      
48900,91 39052,02 39302,02
30 Be11 DO13      
49403,52 39621,04 39871,04
31 Be12 DO14      
79528,21 63484,32 93984,32
32 A33 DO15      
98596,78 82127,30 112377,30
33 A34 DO16      
70781,94 57908,67 58408,67
34 Be13 DO17      
79741,82 63513,90 94013,90
35 Be14 DO18      
68985,74 55585,86 55835,86
36 Be15 DO19      
48728,64 39154,99 39404,99
37 Be16 DO20      
72328,28 58644,99 58894,99
38 Be19 DO21      
72097,66 57893,26 58393,26
39 Be20 DO22      
85382,48 70585,58 71085,58
40 Be21 DO23      
46752,57 37353,28 37603,28
41 Be22 DO24      
48509,85 38727,06 38977,06
42 Be17 DO25      
71330,31 58139,64 58389,64
43 A35 DO26      
71943,62 58035,87 58535,87
2885833,68 2341838,24 2627188,24
offerte D1 offerte D2 D2 aangevuld

Op basis van de gemiddelde prijzen die wel terug te vinden zijn op het originele bestekken horende bij bouwproject D en op basis van gemiddelde hoeveelheden teruggevonden bij gelijkaardige bunkers bij de bouwprojecten A en B, zijn er schattingen gemaakt van de prijs van de verschillende bunkers. Deze vindt u terug in bovenstaande lijst.

Merkwaardig is dat er voor deze firma 2 offertes bestaan, namelijk een eerste op datum van 11 januari 1935. Dit zou zeker het aan de hand van die prijzen het duurste project op de linie geworden zijn. Allicht is het daarom dat er van dit project een tweede herzien bestek bestaat met sterke verschuivingen in de toegepaste eenheidsprijzen. In het algemeen komt men tussen de originele en de herziene prijzen soms tot een prijsvermindering van 20% (aanzienlijk dus). De grootste verschillen worden onder andere veroorzaakt door sterk herziene prijzen voor alles wat grondwerken betreft, een zeer belangrijke parameter in de regio waar dit project diende gebouwd te worden.

De eerste kolom (offerte D1) geeft de prijzen weer zoals ze zouden geweest zijn volgens de eerste offerte van 11 januari 1935. Hierbij zou het ganse project 2.885.833,68 Bef gekost hebben. Bij het herziene en goedgekeurde bestek van 3 februari 1935 zou deze totaalprijs nog eens dalen tot 2.341.838,24 Bef (kolom offerte D2). Dit is meer dan een half miljoen Bef minder dus. Als men hier ook nog een aantal zaken bijteld die reeds rechtstreeks door de militaire overheid werden bekostigd zoals chardomes, koepels,... zou de totaalprijs van dit project ongeveer 2.627.188,24 Bef moeten geweest zijn.

Dit bouwproject van 43 bunkers, telde echter nog een mysterieus staartje. Zo zouden ook de bunkers C17 en B40 in een iets latere fase allicht nog toegevoegd zijn aan dit project al is er nergens in de afrekening van dit bouwproject iets terug te vinden over een bestek, laat staan afrekening van deze 2 bunkers. Zie hiervoor deze link.