Bunkernummer
D23
Oud Bunkernummer
AW4
Lokatie
Wetteren
Toegankelijkheid

Volledig vrijgemaakt door www.bunkergordel.be

Aantal kamers

1 kamer en een sas

Aantal schietgaten
1
Type geschut
1 x MI
Bijhorende vuurrichting
Oosten - Noordoosten

Korte beschrijving van de bunker

  • Uitwendige kenmerken.
  • De hoeken zijn volledig afgerond uitgewerkt en het geheel gecementeerd op het ruwe beton.
  • Het geheel was roze-rood geverfd en bezit een zeer fraaie gebetonneerde dakrand die volledig het uitzicht had van een groen geverfde dakrand.
  • Deze gemelde kleuren kan men heden ten dage nog altijd vrij goed op verschillende plaatsen zien en waarnemen.
  • Het schietgat zat verborgen achter een metalen luik (nog aanwezig).
  • De bunker heeft een volledig in beton uitgewerkt toegangssas met verschillende betonnen treden en onderaan een sterfputje.
  • Het globale uitzicht is dit van een lemen stalletje met een plat dak.
  • Structuur.
  • De bunker heeft één kamer en een sas.
  • Opmerkingen.
  • Het is het laatste steunliniebunkertje vlak tegen de Schelde te Kwatrecht.
  • De dichtstbijzijnde bunker is D22 in het viaduct van Kwatrecht (345 m).
  • Standaard is het bunkertje enkel uitgerust voor de opstelling van een Maximmitrailleur. Het had geen aanpassingen voor de opstelling van andere types van mitrailleur.
  • Het bunkertje houdt het verkeer op de Schelde onder vuur dat vaart in de richting van Gent.
  • Het originele terrein waar de bunker werd op gebouwd was perceel Wetteren, Sectie G, perceel 828E met een grootte van 95 ca. Dit was een stuk uit de noordzijde van een groter perceel aansluitend bij de Schelde dat gekend stond als een boomgaard bij het scholencomplex heden gekend als het MPI te Kwatrecht. Dit terrein was net zoals het scholencomplex toen eigendom van de Zusters van Liefde.
  • Om het perceeltje met de bunker te kunnen bereiken was er nog een bijkomende permanente erfdienstbaarheid over een strook van 2 meter breed en en een tijdelijke erfdienstbaarheid over een strook van 5 meter breed om de bouw van de bunker zelf mogelijk te maken, nodig.
  • Beiden verliepen over dezelfde strook die in het ene geval 5 meter breed was (tijdelijk erfdienstbaarheid) en voor de permanente erfdienstbaarheid slechts 2 meter. Ze verliepen langs de Schelde langs een perceel waar in 2014-2015 een nieuwbouw is opgetrokken, tot tegen de rand van een bos. Dit omvat opnieuw een gedeelte van perceel 828E (39,50 meter) en een gedeelte voer perceel 828F (67.50 meter). Daar draaide men rechts af om via de westkant van de percelen 839a (36 meter) en 837d (83 meter) de Kwatrechtsteenweg te bereiken.
  • Deze laatste percelen waren geen eigendom van de Zusters Van Liefde maar van de Nijveraar Lammens Ernest, wonende te Kwatrecht.
  • Deze tijdelijke erfdienstbaarheid was maar 8 maanden geldig vanaf het tekenen van de akte.
  • De akte voor de onteigening en een gedeelte van de tijdelijke erfdienstbaarheden naar de Zusters van Liefde toe, werd getekend voor akkoord op 29 Oktober 1934 voor de prijs van 2000 Bef. Daarnaast bevatte de akte een jaarlijkse intrest clausule ter grootte van 5% op dit verkoopsbedrag, wat neerkwam op 100 Bef per jaar.
  • De bijkomende akte voor een gedeelte van de permanente en de tijdelijke erfdienstbaarheid aan de heer Ernest Lammens werd getekend op 17 November 1934 voor de prijs van 100 Bef en omvatte eveneens een gelijkaardige intrestclausule wat neerkwam op 5 Bef per jaar.
  • Na de onteigening kreeg het origineel onteigende perceel geen aparte index toegemeten.
  • Op 29 september 1954 werden zowel deze bunker met bijhorende grond als ook de bunkers A39 en A40 (terreinen Mariagaard te Kwatrecht), allen origineel eigendom van de Zusters van Liefde, opnieuw overgekocht van de Belgische staat
  • Op actuele kadastrale plannen is het perceel 828E niet bestaande als afzonderlijk perceel en opgenomen binnen het actuele perceel 850y. Het perceel 828F bestaat op zich ook niet meer en is opgegaan in perceel 828r.
  • De resterende erfdienstbaarheden in de richting van de Kwatrechtsteenweg bestaan heden nog als een pad naast de terreinen horende bij het MPI te Kwatrecht. Deze toen gemaakte erfdienstbaarheid heeft echter heden geen kadastraal nummer meer wat er zou op wijzen dat het heden staatseigendom zou moeten zijn en allicht als een officieel publiek pad beschouwd kunnen worden in de richting van het bos dat heden nog altijd bestaat tegen de Schelde.
  • Het betreft één van de bunkertjes op de linie die allicht van de meeste projectielinslagen telt op de ganse linie. Er zijn talrijke kogelinslagen te tellen, zowel op de voorkant, linker zijkant als achterkant. Op de achterkant zitten zelfs enkele zwaardere inslagen, allicht van Duitse PAK37 kanonnen. Er is zelfs een enkele kogelinslag aan de binnenkant van het toegangssas, waarover in de fotoreportage meer uitleg.
  • De dijkaanpassingswerken aan de Schelde in het kader van het afwerken van het Sigma plan bedreigen nu echter ook nog altijd dit bunkertje dat al sinds mei 1940 werd vergeten tussen het groen langs de Schelde. In Melle verdween voor dezelfde werken het uiterst unieke bunkertje B46. Ook dat bunkertje had heel eenvoudig bewaard kunnen blijven maar werd onverbiddelijk afgebroken om een kale plek langs de Schelde achter te laten. Gaat nu ook dit bunkertje voor dezelfde werken moeten wijken?
  • Het enige dat heden ten dage in het voordeel pleit van dit bunkertje is dat het terrein waarop hij staat heden, wel onteigend is maar de uitvoerders van de werken hebben bij het opstellen van hun plannen het bunkertje niet opgemerkt door de massale overgroei met klimop. Het bunkertje staat dus heden wel degelijk in de weg voor de uitvoering van de werken zoals standaard voorzien maar de uitvoerders van de dijkwerken hebben dus in elk geval door het niet opmerken van het bunkertje geen budget voorzien voor de afbraak.
  • Omwille van deze reden heb ik als webmaster de taak op mij genomen proberen het bunkertje een mogelijkheid van verder bestaan te geven, te begrijpen als een vorm van behoud binnen de huidige geplande werken. Omwille van deze reden werd het bunkertje volledig ontdaan van alle overgroei. U kunt deze opruimingswerken trouwens duidelijk verderop deze pagina in detail volgen. Daarnaast werd ook met hulp van nog een bunkerliefhebber, het ganse bunkertje ontdaan van alle rommel die er massaal in aanwezig was (in hoofdzaak een paar duizend oude dakpannen, meestal in vrij slechte staat). Het bunkertje is heden volledig vrij en blijkt na ontdoen van begroeiing en rommel één van de bunkertjes op de linie die nog het meeste sporen draagt van strijd in Kwatrecht. Daarnaast blijkt het nog uiterst goed bewaard zowel aan binnen- als buitenzijde.
  • Mocht het bunkertje kunnen blijven staan waar het heden staat, zou het na het uitvoeren van de werken allicht langs de rand van het nieuwe fietspad langs de Schelde komen te liggen. Het zou dus echt zonde zijn dit prachtig opgeruimde stukje militair erfgoed voor goed (net zoals bunker B46 eerder) af te breken langs dit fietspad. Ondertussen werd zelfs de goedkeuring ontvangen van Natuurpunt om het bunkertje bij behoud in te richten als vleermuizenverblijf zodat het niet opnieuw zou overgaan in een sluikstort. Voorlopig is er een actie opgezet naar de gemeente Wetteren toe voor het behoud van dit bunkertje waarop men heeft beloofd er alles proberen aan te doen om dit ook proberen te verwezelijkheden.
  • Er verschenen in de regionale pers enkele artikels over de poging dit bunkertje te bewaren als erfgoed. Op deze link kun je de bijhorende originele artikels nog eens nalezen.
  • Opmerkelijk bij het bunkertje is dat het vrij sterk is scheefgezakt. Het terrein waar de bunker opstaat, vlak naast de Schelde is tijdens de meidagen 40 serieus gebombardeerd geweest. Bij de recente bouw op de site van het bunkertje werd het terrein vooraf gescand op eventuele projectielen in de ondergrond. Het aantal vastgestelde projectielen was zeer hoog zodat gerust kan gesteld worden dat de bunker allicht wel wat treffers zal gekend hebben, in de nabije buurt. Vermoedelijk moet men hier de oorzaak van het scheefhangen van het bunkertje zoeken.
  • Het bunkertje zijn aandeel in het bouwproject A bedroeg origineel 40.105,71 Bef. Met inbegrip van wat gemeenschappelijke kosten zoals onder andere de niet individueel verdeelde beplantingen moet deze prijs allicht opgetrokken worden tot 40.160,71 Bef. Als men hier nog eens een aantal zaken gaat bijtellen die niet dienden ingecalculeerd te worden door de bouwfirma's maar rechtstreeks werden aangeschaft door de militaire overheid zoals bv chardomes, koepels, ventillatoren,... moet de totale kostprijs ongeveer op 40.310,71 Bef hebben gelegen.
  • Ter info: 1 BEF in 1934 komt ongeveer overeenkomt met een bedrag van 74 BEF 1.84€) in 2013, een "factor 74" dus.

Routebeschrijving om deze bunker te vinden

  • Het bunkertje ligt in de tuin van het oude klooster te Kwatrecht en maakt heden deel uit van de boomgaard van de school MPI te Kwatrecht, langs de Kwatrechtsesteenweg. Het ligt volledig beneden in de boomgaard tegen de Schelde. Na de uitvoering van de geplande dijkwerken zou het bij behoud praktisch op of langs het voorziene fietspad komen te liggen.
Bijhorende foto's

Schets zoals terug te vinden bij de originele onteigeningsakte. Men ziet er duidelijk het zwarte vakje tegen de schelde wat het onteigende perceel voor de bunker is.

De erfdienstbaarheid loopt vandaar uit langs de Schelde naar wat heden een bosje is. Op de rand daarvan draait deze weg richting Kwatrechtsteenweg.

Terreinschets zoals terug te vinden bij de bouwplannen. Het onteigende terreintje is in dit geval zeer beperkt. Het was afgespannen met een omheining. Aan de voorzijde was een hekje voorzien.

Blijkbaar stond er in het huidige toegangssas een boom die diende gerooid te worden.

Grondplan van dit kleine bunkertje. Er is op geschreven dat de achtermuur aan het toegangssas, beperkt minder dik mag uitgevoerd worden. Dit zal leiden tot een herziening van het grondplan (zie verderop).

Doorsnede AB bij bovenstaand grondplan. Dit geeft meteen een mooi beeld over hoe het uitzicht was als lemen hutje.

Doorsnede CD bij bovenstaand grondplan geeft ons een beeld doorheen het toegangsas. Het bunkertje blijkt dus aan zijn toegang heden wel gemakkelijk een halve tot een meter dieper in het maaiveld te steken dan dat dit origineel het geval was.

Herzien grondplan voor de verminderde dikte van de achterwand van de bunker tussen mitrailleurkamer en toegangssas (1.00 meter in plaats van origineel 1.15 meter). Voor de rest is dit plan volledig identiek. Omdat het enkel de dikte van de wanden ging, werd het schietgat zelfs niet in detail getekend.

Bij sommige bunkertjes werd zoals bij deze de correctie zoals hierboven te zien als kalkpapiertje voorzien op de originele doorsnede. Hieruit blijkt duidelijk het enige echte verschil de dikte van de ene genoemde wand. Voor de rest is de schets volledig identiek.

Kadasterplan anno 2014.

De originele percelen zijn opgegaan in het huidige perceel 850u en 828f.

De erfdienstbaarheden naar de steenweg toe bestaan nog altijd als pad zonder kadasternummer wat er zou op wijzen dat het staatseigendom zou moeten zijn.

Foto van de locatie meteen in de buurt van waar de bunker ooit werd gebouwd. Allicht is deze foto iets verderop tegen de rand van het bos, meer naar de bocht toe getrokken. De bunker is een kleine 100 meter verder van de bocht verwijderd, gebouwd. (Foto: Replica)

Externe foto van het klooster en bijhorende school. U ziet het bunkertje onderaan de foto liggen tegen de Schelde. Hier nog zonder dat het massaal overgroeid is. In het boek Wetterania van Daniël De Mol waarin een versie van deze foto werd gepubliceerd, staat dat de foto dateert uit de jaren '50 maar dit kan niet kloppen daar de bunker bij Dokter François op de Brusselsesteenweg, op deze foto reeds is afgebroken en deze pas in de jaren '70 werd afgebroken. De foto dateert dan ook allicht van rond eind jaren '70. (Foto: Archief Daniël De Mol)

Dit is voorlopig nog een oudere foto van dit bunkertje in mijn bezit. Gezien het altijd sterk verborgen zat onder de begroeiing, moet het in het jaar 1995 ook zeer slecht fotografeerbaar geweest zijn. U kijkt hier op het geopende schietgat tussen de begroeiing door. (Foto collectie Guido De Jong - Simon Stevin Stichting)

Zicht zoals ikzelf voor de eerste keer het bunkertje terugvond, anno 2006. U kijkt hier op de voorkant.

Dit is een foto van de achterkant uit dezelfde periode. Het bunkertje lag toen op een kleine paardenweide en boomgaard.
Een van de weinige plaatsen waar nog iets van het bunkertje te zien was, was aan de linker achterkant. Hier kon men met wat moeite de achterkant van de bunker zien. Juist achter het groene draadje aan de rechter kant, zit de toegang van de bunker die volledig vrij was.
De toegang is altijd al vrij geweest zolang ik weet. Alleen lag de bunker vol rommel. In het toegangssas kon ik onmogelijk rechtstaan. Gebogen kon je erin. Er lag ongeveer een halve meter rommel in bestaande uit kasseien, borduren, kapotte baksteken en dakpannen. Achteraan stond ook nog een oud houten deurtje.
De binnenkant van het bunkertje zelf bleek nog rampzaliger. Hij zat volgestouwd met allicht enkele honderden oude, veelal reeds gebruikte dakpannen.

Het was al bijna een onbegonnen werk het schietgat van de bunker te proberen zoeken. Totaal verborgen onder klimop en takken wist ik er in 2006 deze foto van te maken.

In de winter 2008 werd hij al eens grondig geïnspecteerd door natuurpunt als mogelijks toekomstig vleermuizenverblijf. Als lokatie bleek hij perfect gelegen zo juist langs de Schelde. Alleen was hij op dat moment zodanig overgroeid met klimop dat hem vinden zelfs voor de vleermuizen, een moeilijk opdracht zou zijn. Toen wist men reeds te melden dat indien hij wat meer vrij zou staan, hij zeker een geschikt vleermuizenverblijf zou kunnen worden zo juist naast de Schelde.

Door de aankondiging van de dijkwerken te Kwatrecht en het visueel plaatsen van grenspaaltjes tot waar de werken zouden komen, werd het duidelijk dat de kans groot zou worden dat ook dit bunkertje zou moeten verdwijnen. Daarom vatte ik in augustus 2010 het idee op om het bunkertje met medeweten van de school MPI in Kwatrecht in eerste instantie vrij te maken aan de buitenkant en dan afhankelijk van het werk dat er zou aan zijn, vrij te maken van alle rommel die er binnenin aanwezig was. Rechts een foto uit mei 2010, nog voor het vrijmaken van de bunker.

Ik ben begonnen met vrijmaken juist voor het schietgat. Dit waren de eerste zichten die men van buitenaf opnieuw kreeg van het bunkertje.

vervolg van het vrijmaken

Vervolgvan het vrijmaken. Aan het toegangssas stonden enkele grotere haagplanten die het vrijmaken niet echt belemmerden. Deze zijn voorlopig blijven staan.

Hetgene wel al meteen zichtbaar was bij het vrijmaken, en ook duidelijk zichtbaar op de foto's, is dat het bunkertje na 70 jaar langs een Scheldedijk, wat last heeft van verzakken. Zo is hij van vooraf gezien naar links verzakt. Ook is hij wat verzakt naar achteren. Als u in de bunker staat is dit effect vrij duidelijk te voelen. Dit was tevens het eindpunt van een namiddag grondig snoeien rondom het bunkertje. Enkel de achterkant en de kant langs de Schelde dienden nog te gebeuren.

Op 19/9/2010 werd een tweede knipbeurt ingelast. Bij deze werd het bunkertje volledig vrijgemaakt. Omwille van te grote risico's werd in eerste instantie volledig van de bovenkant van het dak onaangeroerd gelaten. Dit zal voor een latere fase zijn, hoop ik.

Vooraanzicht van het volledig vrijgemaakte bunkertje D23. Door zolang onder de klimop verborgen te hebben gezeten, draagt hij nog ontzettend veel sporen van originele verflagen. Opvallend zijn de roze-rode kleur van een soort lemen hut en de groene kleur van de nep houten dakrand.

Detail van het totaal vrijgemaakte schietgat. Bovenaan de twee ventillatiegaten met roostertjes. Onderaan de bijhorende uitloopgaten voor mocht er ooit iets zoals een granaat in de ventillatiegaten gestopt worden. Wat nog meer verbazend is, en uniek op de linie, het bunkertje bezit nog zijn originele metalen luikje aan het schietgat. Ook meteen opvallend is dat het bunkertje vrij serieus is beschoten geweest in mei 1940. Hier kunt u kogelinslagen zien rechts onder het ventillatiegat. Ook de linker hoek is vrij talrijk maar minder goed zichtbaar geraakt. De binnenkant van het schietgat is linksboven geraakt.

Het luikje blijkt merkwaardig genoeg, na 70 jaar in weer en wind, op de grond te hebben gelegen, nog perfect te openen en te sluiten. Echt een unieke vondst op de bunkerlinie. Zelfs na 70 jaar was dit inox luikje nog steeds niet om zeggen echt roestig. Zou je eens met het huidige staal geleverd onder het mom van inox moeten proberen...

metalen luik voor schietgat

Het luikje in gesloten toestand.

Als we even onze blik naar boven richten, krijgen we een fraai detail van de nep dakrand. Vooraan links zit er een opening in voorzien om het water van het dak te laten aflopen naar beneden. Hier is geen afvoergoot aanwezig en allicht ook nooit geweest. Wel met veel zin voor detail is de druipneus die is aangebracht in de onderrand. Hier is hij enkel goed zichtbaar op de onderste rand maar deze is dubbel en ook aanwezig in de smallere bovenrand (minder goed zichtbaar).

Op de linker zijkant van het bunkertje vind je ook vrij veel projectielinslagen. Waar je heden de witte kalkuitbloeming ziet, is ooit een grotere inslag geweest (op de onderkant van de dakrand).
Zicht op de linker achterkant. Hier zat een trapje in beton naar beneden naar de toegang die heden amper de halve hoogte is van het originele deurgat. Aan de achterkant van de bunker zijn de originele kleuren vrij goed bewaard gebleven.
Naast de ingang links, draagt de bunker opnieuw een in het cementeerwerk ingekerfde nummer 213. De oorsprong van dit soort nummer is meer in detail terug te vinden op onderstaande link op deze website.
Op de achterkant van de bunker is opnieuw een zware treffer te zien tegen de valse betonnen dakrand aan. Deze is allicht opnieuw afkomstig van Duitse lichte artillerie. De bunker telt echter nog talrijke kogelinslagen op de achterkant. Dat de bunker zoveel kogelinslagen heeft op de achterkant heeft allicht alles te zien met eerste dag van strijd waarbij de Duitsers wisten door te dringen tot voorbij de viaduct te Kwatrecht. Allicht zijn ze hierbij uitgezwaaid naar onder andere de Kwatrechtse steenweg waardoor dit bunkertje langs achteren in de vuurlijn is komen liggen.
Bij het vrijmaken van de sterk overwoekerde zijkant naar de Schelde toe, deed ik nog een leuke ontdekking. Zo blijkt het bunkertje hier nog een volledig intakte zinken goot te bevatten. Dit is opnieuw een onderdeel van de bunkertjes dat voor de rest nergens op de linie nog terug te vinden is.
achterkant bunker D23 te Kwatrecht
Detail van de volledig origineel ter plaatse aan elkaar gesoldeerde zinken goot, nog altijd vrij intakt gebleven onder de overwoekerende begroeiing.
De rechter zijkant van de bunker. Dit is de kant langs de Schelde. Hierbij zie je duidelijk de intakte dakgoot achteraan. Deze kant telt totaal geen inslagen van projectielen wat er ook op wijst dat er nooit aanvallen zijn gebeurd vanop de Schelde. Centraal in het midden van de muur onderaan, de kabeldoorgangen.
Vanaf de opgekuiste zijkant van de bunker, kreeg men uiteindelijk dit zeer fraaie zicht op de Schelde. Gezien de afstand dat het bunkertje nog gelegen is van de stroom zelf, moet het toch haalbaar zijn het bunkertje te laten verder bestaan.
Daarna was het tijd voor een tweede en allicht nog helsere taak dan de bunker volledig vrijmaken aan de binnenkant. Omdat de buitenkant vrij intakt bleek, was het vermoeden vrij groot dat onder de rommel aan de binnenkant, allicht ook nog een vrij intakt bunkertje zou steken. Alleen al in het toegangssas lag het puin ongeveer een kleine 50 centimeter dik. Je was verplicht er gebukt in te gaan omdat de hoogte door het puin reeds te beperkt was. Vergeet niet dat alles wat in de bunker lag, allemaal langs deze beperkte halve deurgat naar buiten is gemoeten. Het leegmaken is aangevat op 19/9/2010.
Op de foto hiernaast zie je duidelijk omdat een gedeelte van de bodem van het sas is vrijgemaakt, hoe dik het puin lag in het toegangssas. Er staat wel een schop en een spade in het sas maar je kan er uiteindelijk weinig mee aanvatten. Het sas is amper een meter breed en dat is te beperkt om zelfs met een gevulde schop te kunnen draaien naar buiten. Alles is uiteindelijk praktisch manueel uit de bunker gegooid.
De eerste opruimdag aan de binnenkant was een soloproject en heeft praktisch alleen het opruimen van het sas tot gevolg gehad.

Dit is ongeveer het zicht dat men heeft, rechtopstaande in het opgeruimde toegangssas. Vooraan ziet u een beperkt gemetst halfsteens muurtje. Dit is zeker niet origineel en allicht origineel nadat de bunker reeds werd opengemaakt opnieuw bijgemetst om te vermijden dat teveel grond en bladeren in de bunker zouden reizen. Het originele dichtmetsen (dat dus al veel vroeger moet verwijderd geweest zijn), was veel uitgebreider . Hetgene u op de onderkant van de foto ziet is de nog resterende overblijfselen van het originele dichtmetsen in 1943. Dit is dus niet de bodem van het sas. Op de foto hierboven ziet u de originele gemetste muur duidelijker.

Links aan de deurstijl opnieuw een voltreffer van een kogelinslag.

Dit is het "beetje" puin dat nog achterbleef voor een volgende opruimbeurt na een eerste namiddag puinruimen uit de binnenkant van de bunker.

Na nog een namiddag zwoegen en de hulp van enkele gelijkgezinden (waarvoor dank), krijgt een bunkerliefhebber dit juweeltje te zien. De binnenkant is nog volledig intakt, op de gepantserde deur en het metalen toegangshekje na. De bunker bleek enkel uitgerust voor de opstelling van de standaard Maxim-mitrailleur. Er zijn totaal geen bijkomende voorzieningen voor andere types van mitrailleurs.

Ook opvallend is dat bij de meeste bunkers men een soort specifieke betonvloer heeft, alsof hij is bedekt met een soort prefab betonplaten. Deze bunker, die ook bij het eerste bouwproject behoorde op de bunkerlinie heeft dit soort vloer niet en beschikt over een vlak gecementeerde vloer.

intakte binnenkant bunker D23 Kwatrecht

Op de foto hiernaast ziet u nogmaals het chardome. Het is hierbij gefotografeerd op hoogte van het chardome waaruit blijkt dat dit ongeveer op dezelfde hoogte staat als de onderkant van het schietgat.

Nogmaals een detail van het chardome. Hierbij heb ikzelf nog twee detailopmerkingen.

1. Is er iemand bij de lezers die weet waarvoor de betonnen rand voor dient onderaan het schietgat op de grond. Dit komt bij vrij veel bunkers voor maar de functie is mij tot op heden nog altijd niet duidelijk.

2. Waarvoor dienen de 2 gaatjes in de bovenregel van het chardome.

Mail mij gerust op info@bunkergordel.be

detail intakt chardome

Detail van het schietgat van de binnenkant gezien. Zeer fraai is de nog aanwezige basiskleur. Het lijkst mij zelfs of het patroon dat u aan de binnenkant kunt zien niet echt toevallig is. Allicht maakt het deel uit van de camouflage van de bunker om de roze buitenkleur geleidelijk te laten overgaan in de witte kleur van de bepleistering van de binnenkant.

Ook opvallend is in dit geval de hele zware moer op de draadstang. Normaal stonden er per stang zo drie dergelijke moeren. Tussen 2e en 3e moer zat een metalen plaat scharnierde opgeteld, rustend op het chardome. Hierop kon toen de zware Maxim-mitrailleur geplaatst worden.

De muur met het schietgat erin is in totaal 1.30 meter dik en is vijfdubbel gewapend. Afbreken zou dus nog zwaar kunnen tegenvallen.

Detail van enerzijds de ventillatiegaten (ronde gaten bovenaan de schietgaten.), een apart granaatwerpgat (rechthoekig gat bovenaan rechts).

De lokatie waar het granaatwerpgat vooraan uitkomt, zit vooraan verborgen onder het maaiveld. Dit moet nog iets lager zitten dan de uitloopbuizen van de ventillatieschachten die wel nog aan de buitenkant te zien zijn.

Rechts nog een zeer intakt Richtteken R voor het correct instellen van de Maxim-mitrailleur.

Juist achter de gepantserde deur zaten in de zijmuur de kabeldoorgangen. De smalste doorgang voor telefonie. De breedste voor eventuele stroomvoorziening. Er zijn weinig gegevens te vinden of deze mogelijke telefoon en stroomverbindingen ooit werden gebruikt.

Zelf heb ik deze kabeldoorgangen altijd al als een extra zwak punt voor de bunkers beschouwd. Zo zijn het rechtstreekse gaten (de doorgang voor eventuele elektriciteit met een diameter van 10 centimeter) waar toch wel bijvoorbeeld een steelgranaat zou kunnen worden ingeduwd met rampzalige gevolgen voor de inzittenden van de bunker tot gevolg.

Bij ventillatiegaten voorziet men extra beveiligingen tegen sabotage maar bij de kabeldoorgangen heeft men totaal geen beschermingsmaatregelen getroffen. Er was zelfs geen granaatwerpgat voorzien naar deze kant van de bunker.

Hierbij een zicht op de achterkant van de mitrailleurkamer met een al even zeldzaam Tablet T op de achtermuur. Dit tafeltje is bij 95% van de nog bestaande bunkers, verdwenen. Hier blijkt het nog intakt aanwezig. Dit tafeltje diende vroeger voor het plaatsen van een kogelpers. Een toestel dat standaard deel uitmaakte van het toebehoren bij een Maxim-mitrailleur.

Binnenzicht in het toegangssas vanuit de mitrailleurkamer. Achteraan links de nog achtergebleven en niet verwijderde restanten van het originele dichtmetsen van de bunker in 1943. Het originele dichtmetsen was wel grondig gedaan en zeker een zestal rijen baksteen dik.

Het toegangssas bevat nog een uiterst merkwaardige kogelinslag. Deze bevindt zicht achteraan in het toegangssas. Hij is ook zichtbaar op de muur op de foto hierboven. Deze kogelinslag kan wel wat tot nadenken aanzetten. Het is namelijk wel zeer merkwaardig dat men een kogelinslag vindt volledig achteraan de bunker in dit toegangssas.

De foto hiernaast is getrokken vanaf de buitenkant van de bunker, doorheen het schietgat. Allicht mag het een mirakel zijn dat er geen dode is gevallen bij deze kogel die naar alle waarschijnlijkheid door het schietgat is binnengevlogen en voorbij een allicht openstaande gepantserde deur in de achtermuur is geslagen.

 

Zicht op het bunkertje met vooraan alle dakpannen die uit de bunker werden verwijderd.

Een jaar later, in 2011 werd het bunkertje nog eens bijkomend gedeeltelijk vrijgemaakt op zijn dak waardoor de fraaie dakrand grotendeels bloot kwam te liggen.

Dit werk is voorlopig op vraag van de school gestopt omdat men nieuwe afvoer van afval op dat moment niet goed zagen zitten.

Detail van vrijgemaakt bovenkant. Nu valt ook pas goed op hoe scheef het bunkertje ondertussen eigenlijk hangt, allicht het effect van een bom of artillerietreffer zeer kort nabij de bunker.

Vooraanzicht

Februari 2014 begon voor het bunkertje opnieuw een vervaarlijke periode. Er werd gestart met de bouw van een bijkomend schoolgebouw in de directe nabijheid van de bunker.

Zicht op zij- en achterkant uit dezelfde periode.

Dat opnieuw uit deze werken van de aannemers niet vele respect mag verwacht worden mag al blijken uit deze foto waarbij de rommel gewoon is gestapeld voor de bunker. De rommel ligt hier volop op het openliggende unieke luikje voor de bunker.

Om erger te voorkomen werd door mijzelf het luikje opnieuw vrijgemaakt en de bunker voor het schietgat opnieuw wat opgeruimd.

Zicht op de Schelde van achter het bunkertje.

Kort nadien kwam een enorme berg grond gestapeld te liggen naast de bunker. Opnieuw geen enkele voorziening voor aflopend water en slijk dat zich vrolijk een weg zocht in het sas van de volledig opgeruimde bunker. Gelukkig werd na protesteren de toegang beperkt wat afgesloten zodat verder inlopen van slijk kon worden voorkomen.

Door de massa naast de bunker gestapelde grond, was hij op de duur nog amper terug te vinden.

Ondanks dat het luikje doelbewust dicht was gezet om verdere schade te vermijden ligt het op 4 juli 2015 opnieuw open en gedeeltelijk bedolven onder nieuwe voor de bunker gestapelde rommel. Ook de toegang is heden totaal versperd met grond.

Het blijft een triestige zaak om bij aannemers toch enige vorm van respect te verkrijgen voor deze structuurtjes.

Er werd recent gemaild naar de opdrachtgevers en aannemer om het bunkertje opnieuw vrij te maken.

Omdat ik die aannemers op het gebied van respect voor deze structuurtjes nauwelijks betrouw, werd op 5/07/2015 het luikje nog eens vrijgemaakt en opnieuw in gesloten toestand gezet zodat ze het ten minste bij hun grondwerken niet zouden beschadigen.

Dit is voorlopig alles wat rest van de toegang die in normale omstandigheden volledig vrij was...

Zoals dus mag blijken uit bovenstaande reportage blijkt dit toch volgens mij één van de onontdekte pareltjes van de bunkerlinie bruggenhoofd Gent. Ik weet dat jammer genoeg de geinteresseerden in dergelijke stukjes erfgoed vaak op één hand te tellen zijn. Anderzijds vormen dergelijke overblijfselen als dit bunkertje nog de weinige zichtbare restanten aan een stuk bewogen geschiedenis in de streek van Kwatrecht. Het is zeker een interessante getuige, niet alleen omdat hij nog zeer intakt blijkt te zijn, maar ook omdat hij zeer zeker ook nog de sporen draagt van de zware gevechten die hier drie dagen van 20 tot 22 mei 1940 in alle hevigheid hebben gewoed.

Men herinnert in Wetteren elk jaar rond de periode van 20 tot 23 mei de gesneuvelden die deze strijd meemaakten. Het is toch triestig te moeten vaststellen dat nu men de kans heeft nog eens prachtig stukje ongerept erfgoed te bezitten, ook dit zou moeten verdwijnen voor dijkwerken terwijl het allicht evengoed mits wat gezond verstand bewaard zou kunnen blijven. Gezien de afstand en de hoogte dat het bunkertje is gelegen van en boven de Schelde, kan het zeker geen drama zijn hem mits enige aanpassing van de huidige plannen te laten staan waar hij heden staat.

Laat ons hopen dat de gemeente Wetteren zijn beloftes nakomt en zijn beste beentje voorzet om dit bunkertje toch te proberen bewaren. Mag het de gemeente eindelijk eens duidelijk worden dat toch eens enige inspanning zou mogen geleverd worden om toch eens iets van hun erfgoed te proberen bewaren.

Tot op heden is nog altijd niet zwart op wit bevestigd wat met dit bunkertje gaat gebeuren in het kader van de lopende Sigma-werken.

Vorige (D22)
Vorige (D22)
Volgende (C18)