Bunkernummer
E2
Oud Bunkernummer
BE3
Lokatie
Eke
Toegankelijkheid
Niet meer van toepassing, is ingegraven
Aantal kamers

2 kamers + sas

Aantal schietgaten
2
Type geschut
2 x MI
Bijhorende vuurrichting
Zuiden

Korte beschrijving van de bunker

  • Uitwendige kenmerken.
  • De hoeken waren uitgewerkt in baksteen en het geheel was gecementeerd, mogelijk met het motief van bakstenen of assestenen.
  • De beide schietgaten waren vermomd als valse ramen.
  • Deze zaten verborgen achter houten luiken in Noors rood dennenhout, openend in 2 richtingen (samen 1,00 x 1,40 meter - BxH). Op deze houten luiken waren bijkomend nog eens valse houten ramen gekleefd.
  • De dakstructuur was opgetrokken in rood Noors dennenhout en bedekt met rode mechanische pannen, alhoewel men ook documenten terugvindt die spreken over groene asbestleien. Dit overschakelen van dakplannen op leien zou kunnen gekoppeld zijn aan het platter uitwerken van het dak omwille van de koepel, vergeleken met wat men origineel plande te doen. Het dak is namelijk platter uitgewerkt om de koepel steeds boven het dak te laten uitsteken.
  • De koepel was gecamoufleerd als een klokkentoren bovenop het dak.
  • De koepel zelf was van de binnenzijde bereikbaar via 9 metalen klimijzers in de wand.
  • Het toegangscomplex was voorzien van enkele betonnen trappen en een sterfputje.
  • In december 1934 zou er op project B nog een correctie volgen op heel wat van de bestaande plannen. Zo zal worden gevraagd het dakniveau met 30 cm te verlagen en de bunker op die wijze 30 cm dieper in de grond te steken. Hiervoor dienden bijkomend alle ventillatiedoorgangen en granaatwerpgaten gecorrigeerd te worden binnen het op te richten gebouw. Om dit nieuwe niveauverschil te corrigeren diende bijkomend in het sas de trap uitgebreid te worden met 2 treden. De reeds voorziene trap diende hierdoor iets langer uitgewerkt te worden.
  • Het globale uitzicht was allicht dit van een gebouwtje omgeven door aanplantingen op de rand van uitgestrekte velden.
  • Structuur.
  • 2 kamers voor het opstellen van een mitrailleur.
  • Achteraan waren beide kamers met elkaar verbonden.
  • De linker mitrailleurkamer had achteraan een koepel.
  • Opmerkingen.
  • Het is een voorliniebunker op de linker kant van het steunpunt Eke tussen E1 (295 m) en E3 (145 m). Hij stond samen opgesteld met de bunker E3 die zuidwestelijk was opgesteld met zijn schietgat. Zo hadden ze samen een groter gezichtsveld en schietbereik.
  • De dichtstbijgelegen voorliniebunker was A14 (570 m).
  • De bunker was naast zijn standaardopstelling van twee Maximmitrailleurs ook nog voorzien voor de opstelling van twee Hotchkiss- of Coltmitrailleurs.
  • De vuurrichting van deze bunker is in de fase van voorstudie naar uiteindelijke bouwplannen toe zeer beperkt is gewijzigd. Origineel voorzag men de vuurrichting zeer beperkt Zuid - Zuidwestelijk. De bunker werd uiteindelijk gebouwd, zeer beperkt Zuid - Zuidoostelijk. Deze aanpassing is gekoppeld aan het vrij sterk wijzigen van de vuurrichting van de bunker E3 waarmee deze bunker samen opgesteld was.
  • De onteigeningsaktes horende bij deze bunker zijn van de meest complexe, zeker voor wat de erfdienstbaarheden betreft. Men heeft er om onduidelijke redenen een ontzettend kluwen van gemaakt en daardoor zijn er letterlijk dubbele erfdienstbaarheden betaald (voor dezelfde stukken terrein dus...). Ook de militaire overheid was dus zeker niet feilloos in die tijd.
  • Om het kluwen van deze aktes iets te proberen verduidelijken werden de verschillende delen van de aktes opgedeeld en achter elk stukje apart bijkomend gelinkt aan de respectievelijke akte.
  • Voor de bouw van de bunker zelf werd een stuk grond onteigend van 1 are 50 ca van het perceel Eke sectie A kadastraal perceel 771. Dit was de noordwestelijke hoek van een groter perceel landbouwgrond. (Akte 1.1)
  • Daarnaast bevatte deze akte van de onteigening ook nog een beperkt perceeltje van 5 meter breed en 6.72 m lang aan de noordwestelijke hoek van het onteigende perceel voor de bouw van de bunker te vereenvoudigen (Akte 1.2). Dit zat inbegrepen bij de tijdelijke erfdienstbaarheid die slechts 8 maanden geldig was na het tekenen van de akte.
  • Ook deze akte bevatte nog beperkt permanente erfdienstbaarheden. Deze worden wegende complexheid van dit dossier allen samen verderop behandeld.
  • De akte die bovenstaande onteigening, bijhorende permanente erfdienstbaarheid en zeer beperkte tijdelijke erfdienstbaarheid omvatte, was gericht aan de familie Vanderstichele, deels wonende te Eke, Aalter, Kortrijk, Gent (2x), Wetteren en Wannegem-Lede. Er zou ook naar hen nog een tweede akte worden opgesteld voor de bunker E3 op dezelfde dag. Beide aktes werden verleden op 15 februari 1935. Voor deze bunker was dit voor een totaalprijs van 2000 BEF. Deze akte bevatte geen bijkomende clausules voor jaarlijkse intresten. Deze op de bunker E3 wel. Waarom bij de ene bunker niet en bij de andere wel, is totaal onduidelijk. (Akte 1.1)
  • Ondanks dat de erfdienstbaarheden voor deze bunker vrij eenvoudig voorstelbaar zijn (of waren), heeft men er in de aktes een zodanig kluwen van gemaakt dat het echt niet meer volgbaar blijkt. De erfdienstbaarheden zijn allen gebaseerd op een nog altijd bestaande wegel die toen al bestond om het perceel 771 te bereiken vanaf het kruispunt Zandstraat - Lichterveldestraat te Eke. Het wegeltje dat in 2006 nog vlot als geheel terug te vinden was, klopte nog altijd met wat in de aktes terug te vinden was. Ook deze wegel is heden niet meer terug te vinden en reeds deels mee opgegaan in de nieuw ontstane verkavelingen op de Biesten wat het verstaanbaar maken van onderstaande natuurlijk ook niet vereenvoudigt..
  • Buiten de eerste akte aan de familie Vanderstichele, bevatte het kluwen van erfdienstbaarheden voor deze bunker nog een akte aan landbouwer Alfons Dhaenens uit Eke, getekend voor akkoord op 22 november 1934 voor de prijs van 600 BEF. Deze akte bevatte ook nog een bijkomende clausule voor een jaarlijkse intrest van 5% wat neerkwam op 30 BEF per jaar. (Akte 2)
  • Een derde akte voor erfdienstbaarheden was gericht aan Mevr Germania Kervyn de Meerendré uit Nevele. Deze deelakte werd verleden op 8 december 1934 voor 1000 BEF. Ook deze akte bevatte een bijkomende intrestclausule van 5% op jaarbasis, wat neerkwam op een jaarlijkse intrest van 50 BEF per jaar. (Akte 3)
  • De permanente erfdienstbaarheid werd normaal voorzien op een strook van 2 meter breed en de tijdelijke erfdienstbaarheid over een strook van 5 meter breed. Deze laatste was dan wel maar 8 maanden geldig na het tekenen van de akte.
  • Hieronder een poging alle bijhorende erfdienstbaarheden op te sommen die in deze 3 aktes voorkomen (inclusief de bijhorende fouten en overlappen).
    • Een permanente erfdienstbaarheid over een breedte van 2 meter en een lengte van 67.40 meter langs de zuidzijde van de aslijn van de bestaande wegel op perceel 771, komende vanaf het perceel onteigend voor de bunker (Akte 1.2). In akte 3 vindt men duidelijk vermeld dat de aslijn van de bestaande wegel ook de rand vormt tussen de noordelijke en zuidelijke terreinen.
    • Een permanente erfdienstbaarheid over een strook van 2 meter breed en 127,35 meter lang te nemen ten zuiden van de aslijn van de bestaande weg (en niet centraal zoals in de akte vermeld). Dit komt overeen met de lengte van de percelen 782c en 780c en sluit aan bij de tijdelijke erfdienstbaarheid horende bij de onteigening. (Akte 2.1). Centraal in de weg zou ook voor deze akte niet kunnen gezien de scheiding van de percelen ook samenloopt met de as van de weg. Dat zou betekenen dat er erfdienstbaarheden worden toegekend aan personen die niet de eigenaar zijn van het perceel.
    • Een permanente erfdienstbaarheid over een strook van 1 meter breed en een lengte van 195 meter langs de zuidgrens van de percelen 783 en 784 (kouter) en 785a (woning) en 787a (boomgaard bij woning). Dit kan dus beter geïnterpreteerd worden als noordelijk van de aslijn van de wegel. (Akte 3.1)
    • Als je dus bovenstaande permanente erfdienstbaarheden samenvoegt, krijg je dus alvast een permanente erfdienstbaarheid van 3 meter breed en geen 2 meter...
    • Een tijdelijke erfdienstbaarheid over een strook van 1 meter breed ten noorden van de strook beschreven in Akte 2.1 over de lengte van de percelen 782c verminderd met de overlap met perceel 784 (aangebouwd tot aan de wegel). Dit overlapt gedeeltelijk met Akte 3.1. Dit kan dus ook nooit eigendom geweest zijn van deze eigenaar gezien de as van de weg ook de scheiding was van de hier rakende terreinen. Noordelijke van deze lijn betekent in dit geval automatisch "niet meer op zijn eigendom". Hier gaat de toenmalige onteigeningsdienst van het leger dus wel geheel de mist in. (Akte 2.2)
    • Een tijdelijke erfdienstbaarheid over een strook van 0.50 meter breed te, zuiden van de strook beschreven in Akte 2.1 over de lengte van de percelen 782c en 780c (Akte 2.3)
    • Een tijdelijke erfdienstbaarheid van 3 meter breed noordelijk van de strook beschreven in Akte 3.1 over de volle lengte van perceel 783, wat neerkomt op een strook van 155 meter lang (Akte 3.2)
    • Een tijdelijke erfdienstbaarheid van 1 meter breed noordelijk van de strook beschreven in Akte 3.1 voor wat betreft perceel 784 deels (hier stond bebouwing en kon de 3 eerder voorgestelde meters onmogelijk gehanteerd worden). Dit was een strookje van 10.60 meter lang. (Akte 3.3)
    • Een tijdelijke erfdienstbaarheid van 0.50 meter breed noordelijk van de strook beschreven in Akte 3.1 op een lengte van 29 meter wat neerkwam op perceel 784 en 787a met mindering van de eerder gemelde 10.60 meter in Akte 3.3 (Akte 3.4)
  • Als je alle erfdienstbaarheden probeert te volgen (en de er inzittende fouten probeert te vergeten) komt het er eigenlijk op neer dat men de tijdelijke erfdienstbaarheden zoveel mogelijk noordelijk van de bestaande wegel heeft willen doen lopen (eenmaal voorbij de bewoning aan de oostkant van het wegeltje. Allicht heeft men vooraf al gevreesd dat het wegeltje door de werken anders teveel beschadigd zou geraken. Bij de plannetjes verderop werd alles eens in detail uitgetekend om het toch wat beter vatbaar te maken, hoewel het een onduidelijk kluwen blijft.
  • Normaal werden bij de onteigeningen op TPG aan de onteigende percelen geen nieuwe perceelnummers toegekend wat de opvolging van wie wat nu achteraf nog in bezit had, niet vergemakkelijkte. Bij latere aanpassingen en actualisaties aan deze kadasterplannen heeft men het originele perceel 771 wel degelijk opgesplitst in perceel 771d (het perceel ooit onteigend voor de bunker) en perceel 771c (de rest van het vroegere perceel 771).
  • Tot voor het aanleggen van de nieuwe woonwijken op de Biesten kon men de lokatie waar de bunker E2 ooit gestaan had, vrij gemakkelijk terugvinden. Het was een plekje in een grote kouter dat de boeren meestal niet durfden mee om te ploegen. Allicht moet de bunker toch niet zo heel diep ondergraven gezeten hebben zodat de schrik er inzat om met de landbouwwerktuigen toch nog op de ondergraven bunker te stoten. Opnieuw kan men zich dus afvragen wat het nut van deze ingraving is geweest.
  • Heden is de lokatie opgenomen in een nieuwe verkaveling. Het wordt wel heel moeilijk om heden de bunker nog mooi te kunnen lokaliseren. De afwerking van de wijk werd beperkt wat op deze website gevolgd om toch te kunnen blijven weten waar de bunker ooit stond in het veranderende terrein aldaar.
  • Ik vroeg mij zelfs geruime tijd af of men het lef zou hebben het terrein mee in de verkavelingen te steken met de giftige cadeau die er aan vasthing in de ondergrond. Men heeft echter de verkaveling zo ontworpen dat de locatie waar de bunker ooit stond en werd ingegraven, heden verstopt zit onder een soort van kleine rotonde. Allicht zullen zich weinig mensen in de buurt de vraag stellen waarom daar nu net een rotonde werd voorzien maar bij deze het antwoord.
  • Gezien de locatie van de bunker op de linie zal hij allicht nooit sporen van strijd gekend hebben. Alle foto's (mochten deze al bestaan) blijven dan ook steeds meer dan welkom.
  • Het bunkertje zijn aandeel in het bouwproject B bedroeg origineel 63.508,52 Bef. Met inbegrip van wat gemeenschappelijke kosten zoals onder andere de niet individueel verdeelde beplantingen moet deze prijs allicht opgetrokken worden tot 63.717,52 Bef. Als men hier nog eens een aantal zaken gaat bijtellen die niet dienden ingecalculeerd te worden door de bouwfirma's maar rechtstreeks werden aangeschaft door de militaire overheid zoals bv chardomes, koepels, ventillatoren,... moet de totale kostprijs ongeveer op 94.017,52 Bef hebben gelegen.
  • Ter info: 1 BEF in 1934 komt ongeveer overeenkomt met een bedrag van 74 BEF (1.84€) in 2013, een "factor 74" dus.
  • Vraag om hulp.
  • Alle informatie over deze bunker is steeds welkom.

Routebeschrijving om deze bunker te vinden

  • Heden wordt het al heel wat moeilijker op basis van oude documenten de ingegraven bunker opnieuw te proberen localiseren gezien de ganse kouter ondertussen werd verkaveld.
  • Een herkenningspunt, alhoewel het heden ook niet zoveel meer zegt, is het kruispuntje van de Lichterveldestraat en de Zandstraat. Er vertrok daar een kouterslag naar de grotere kouter achter de huizen gelegen (dat is de kouter die heden volledig verkaveld is). Dit was het eindpunt van de originele veldwegel welke de ganse kouter over de huidige "Biesten" doorkruiste en uitkwam aan de overkant van de spoorlijn waar u heden nog de voorliniebunker A13 terugvindt.
  • Waar het wegeltje de laatste huizen en tuinen van bestaande bewoningen achter zich laat, diende je gewoon nog een 150 tal meter verder te gaan tot op de scheidingslijn tussen de twee veldpercelen. Ook deze optie is ondertussen niet meer mogelijk.
  • Heden is de locatie nog terug te vinden als het meest oostelijke van 2 bestaande pleintjes in de nieuw aangelegde woonwijk. Het dichtstbij het kruispuntje van Lichterveldestraat en Zandstraat dus.
Bijhorende foto's

Detailschets horende bij de voorstudie van deze bunker E2. Het valt op dat er nauwelijks bewoning te bespeuren is. Enkel zuidoostelijk, buiten de schietsector van deze bunker zie je een hoeve getekend. Dit is de hoeve waar de bunker E3 bijstaat die in hoe werd opgesteld met deze bunker E2.

Als je dit plannetje vergelijkt met de grondplannen zal je beperkt een verschil in de schietsector van de bunker kunnen vaststellen.

Originele onteigeningsschets horende bij deze bunker. Het onteigende perceel is het donkere vlekje (+/- in de vouw van het blad). De erfdienstbaarheid loopt zo iets zuidoostelijk weg in de richting van het kruispunt van de Lichterveldestraat met de Zandstraat. Hier vond men toen de eerste huizen bij het centrum van Eke horende, terug.
Detail van het kluwen van de bijhorende erfdienstbaarheden.
Een schematische poging de erfdienstbaarheden te rangschikken. Noordelijk van de as van de weg, vindt men in elk geval een zone die dubbel werd uitbetaald voor gebruik als pemanente erfdienstbaarheid.
Terreinschets zoals terug te vinden bij de bouwplannen van deze bunker. Als je dit vergelijkt met de voorstudie is de vuurrichting wel degelijk beperkt gewijzigd.
Grondplan van deze reeds jaren verdwenen bunker E2. De bunker was qua uitzicht vrij gelijkend met de heden nog bestaande bunker A42 te Kwatrecht.
Dwarsdoorsnede AB doorheen het toegangssas en de koepel. In realiteit zal het dak ongeveer de helling van het originele beton gevolgd hebben zodat de koepel nog net boven de dakbedekking zal gestoken hebben.
Een tweede dwarsdoorsnede CD doorheen de twee mitrailleurkamers, naar de achterkant gekeken. Links ziet u de toegang naar de koepel, rechts de ingang van het toegangssas.
De langsdoorsnede EF doorheen de rechter mitrailleurkamer en het toegangssas. Ook deze plannen spreken nog over rode mechanische dakpannen. Er bestaan echter nog andere documenten die voor deze bunker spreken over groene asbestleien.
Vrij complex dakplan horende bij deze bunker.

Actueel kadasterplan. Het grote perceel links ins nog altijd het perceel 771 (nu 771c) waaruit het perceeltje voor de bunker ooit werd onteigend. Dit is linksboven nog altijd te zien als een apart perceeltje 771d.

De wegeltjes van de erfdienstbaarheden zijn nog altijd zichtbaar in oostelijke richting (lichtjes zuidelijk aflopend) in de richting van het kruispunt

De bunker stond op het rechthoekig groene stukje veld midden op de grote kouter. (Deze lucthfoto komt van Gis-Vlaanderen en dateert van ongeveer 2002.) Rechts ziet u het kruispunt van de Lichterveldestraat en de Zandstraat. Hier vertrok een veldwegeltje dat tot op de rand van twee kouters liep. Men kon dan tussen beide velden gaan tot op het verwilderde terreintje waar de bunker ooit stond.

luchtfoto met lokatie verdwenen bunker E2
Zicht op het wegeltje dat vertrekt op het kruispunt tussen Lichterveldestraat en Zandstraat. Dit was tot voor de oprichting van de bijkomende verkaveling op "De Biesten" de gemakkelijkste manier om de originele lokatie van E2 te bereiken. Heden is men echter bijkomende wegels aan het aanleggen zodat de lokatie binnenkort veel gemakkelijker op andere wijzes zal bereikt kunnen worden. Anderzijds zal het niet meer zo simpel zijn de originele lokatie nog te kunnen aanduiden.
Waar het wegeltje voorbij de laatste huizen kwam, lag het bunkertje ongeveer 150 meter verderop.
Waar de bunker werd ondergraven, bleef een stuk verwilderd veld over die men nauwelijks durfde verder te bewerken omwille van het risico voor beschadigingen aan de landbouwmachines.
verwilderde lokatie ondergestoken bunker E2
Men vond er zonder veel zoeken afgesprongen betonresten. Dit zijn stukken die van de bunker afgesprongen zijn bij het ondergraven.

Dit is een luchtfoto van dezelfde website Gis-Vlaanderen, alleen uit het jaartal 2007. In deze periode heeft men het toch gepoogd het plekje waar de bunker stond mee te bewerken en beide kouters als één grote kouter te gaan beschouwen. Merkwaardig blijft dus wel hoe de ondergraven bunker op de foto toch zichtbaar blijft. Dit was allicht ook vrij kort voor de periode dat de eerste werken voor de verkaveling van de kouter begonnen.

Op deze luchtfoto van dezelfde website van ergens begin 2009, wordt het al plots heel wat moeilijker de bunkerlokatie nog terug te vinden. Hij moet gelegen hebben in de buurt van het op deze foto gevormde (maar nog niet verharde centrale pleintje, het betreft het rechtse van de twee dwarspleintjes). Hij steekt er totaal onder. Allicht was dit de beste manier om in de verkaveling geen problemen te krijgen met een blok beton in de ondergrond.

Dit zijn enkele foto's van bij de eerste grondwerken, allicht vrij overeenkomend met bovenstaande luchtfoto. Toen men het desbetreffende veld begon te verkavelen, werd het alsmaar moeilijker de originele lokatie te kunnen terugvinden. De plek bleef echter lange tijd goed herkenbaar doordat de grond er lokaal verzakte en bezaaid lag met fijn afgesprongen betonpuin uit de ondergrond. De grijze peilbuis op de linker kant van de foto blijft een referentiepunt voor het lokaliseren van deze plek. Ze is ook zichtbaar op de foto 2 foto's lager.
Men merkt hier nog altijd heel wat meer betonresten dan op de rest van het terrein.
Deze foto dateert van midden 2009. Er werd reeds op het pleintje een magere betonfundering gelegd. Men heeft het in de verkaveling niet aangedurfd de plek waar de bunker ooit stond mee te verkavelen als bouwgrond. De lokatie is uiteindelijk verdwenen onder een dwarsend betonwegeltje of pleintje. met wat moeite zie je naast het gegoten plateau, in het hoge gras, opnieuw de grijze peilbuis nog staan.
bunker verdwenen onder betonplaat
Luchtfoto Google Earth, tweede helft 2009. De wegels zijn allen gebetonneerd. De eerste gebouwen reeds in aanbouw. Het minst brede pleintje (meest oostelijke) verbergt de bunker.
Foto eind 2009. Rechts de rand van het pleintje. In de verte reeds de eerste opgerichte gebouwen. Ook de witte hoeve op het kruispunt van de Lichterveldestraat en de Zandstraat blijft bij deze foto's een steeds terugkerende referentie.
Voor de gestapelde borduren waren nog deze, vermoedelijke bunkerrestanten uit de ondergrond, terug te vinden.
 
Vorige (E1)
Vorige (E1)
Volgende (E3)
Volgende (E3)