b42
 
Bunkernummer
B42
Oud Bunkernummer
AM2
Lokatie
Melle
Toegankelijkheid
Schietgat was vrij, heden volledig afgesloten door Infrabel
Aantal kamers

1 kamer en een sas

Aantal schietgaten
1
Type geschut
1 x MI
Bijhorende vuurrichting
Zuiden

Korte beschrijving van de bunker

  • Uitwendige kenmerken.
  • Een ruw stenen uiterlijk.
  • Het schietgat zat verborgen achter een metalen luik.
  • Origineel was het bunkertje in zijn geheel geverfd met een groene ondergrond. Hierop waren rode, oker en smaragdgroene vlekken op aangebracht. Deze originele kleuren zijn op verschillende plaatsen nog aanwezig op de bunker.
  • Deze bunkertjes worden gekenmerkt door een langer oreillon, op de rechter kant, voor het schietgat.
  • Origineel werd hij zoveel mogelijk rondom beplant met 160 accasia's en 3 klimopplanten. Hij is jaren ontzettend overgroeid geweest en hierdoor bepaalde periodes van het jaar, praktisch onvindbaar en zeker onbereikbaar door de overgroeiing met braamstruiken (deels nog de originele aanplantingen).
  • Het bunkertje heeft een volledig in beton uitgewerkt toegangssas met verschillende betonnen treden en onderaan een sterfputje.
  • Sinds 2012 is omwille van een zeer merkwaardige historie (zie verderop), de bunker door Infrabel volledig vrijgemaakt aan de buitenkant (en daarna jammer genoeg volledig dichtgemaakt, ook aan het schietgat dat volledig vrij was). Hierdoor is jammer genoeg een zeer fraai, nog van camouflagekleuren voorzien schietgat, voor goed aan het zicht onttrokken en verloor het bunkertje veel van zijn charmes.
  • Structuur.
  • Een mitrailleurkamer en een toegangssas.
  • Opmerkingen.
  • Het is een bunkertje van de achterlinie tussen Betsberg en de spoorlijn Oostende-Brussel. Hij ligt tegen het talud aan de benedenkant van dezelfde spoorlijn tussen B41(910 m) en B43 (55 m). B43 ligt ongeveer op zelfde hoogte langs de andere kant van het talud.
  • Het bunkertje was standaard voorzien voor de opstelling van een Maximmitrailleur. Daarnaast was hij ook voorzien voor de opstelling van een Hotchkiss- of Coltmitrailleur.
  • Gezien het bunkertje gelegen is tussen spoorwegtalud (steekt er deels in) en het wegeltje langs deze spoorlijn, is ook voor dit bunkertje geen onteigening nodig geweest. De ganse structuur is namelijk reeds gebouwd op staatsdomein. De bunker zelf ligt kadastraal op Melle sectie D perceel 352d.
  • Voor dit bunkertje vindt men samen met bunkertje B43 informatie terug dat er onder de betonnen fundering bijkomend metalen damplanken zouden gestoken zijn, vermoedelijk omdat ze ingewerkt zitten in het talud van de spoorlijn Oostende-Brussel, elk aan een andere zijde. Of dit effectief ook uitgevoerd is, is op het moment niet duidelijk. In elk geval is hier niets van vermeld op de originele bouwplannen.
  • Het bunkertje zijn aandeel in het bouwproject A bedroeg origineel 47.201,88 Bef. Met inbegrip van wat gemeenschappelijke kosten zoals onder andere de niet individueel verdeelde beplantingen moet deze prijs allicht opgetrokken worden tot 47.278,13 Bef. Als men hier nog eens een aantal zaken gaat bijtellen die niet dienden ingecalculeerd te worden door de bouwfirma's maar rechtstreeks werden aangeschaft door de militaire overheid zoals bv chardomes, koepels, ventillatoren,... moet de totale kostprijs ongeveer op 47.428,13 Bef hebben gelegen.
  • Ter info: 1 BEF in 1934 komt ongeveer overeenkomt met een bedrag van 74 BEF (1.84€) in 2013, een "factor 74" dus.
  • De toegang van het bunkertje is herzien geweest ten opzichte van de originele plannen.
  • Het bunkertje was tot 2012 nog altijd dichtgemetst aan zijn toegang. Enkel het schietgat was vrij en vertoonde zoals eerder reeds gemeld nog fraaie originele camouflagekleuren.
  • In het voorjaar van 2012 deed zich een merkwaardige historie voor aan dit bunkertje, namelijk deze van "Het Mysterieuze Gat". Zo werd bovenaan het spoorwegtalud een diepe put ontdekt. Dit betrof een put, anderhalve meter lang en amper 1 meter breed. De diepte was zeker een viertal meter (ongeveer het niveau van de bunker beneden aan het talud). De put was gemaakt met loodrechte stijle wanden zonder enige beschutting tegen instorten. Beneden in de put lagen trouwens nog altijd een spade en truweel van de originele mijnwerker die dit gekkenwerk ooit verrichtte. Onderaan de put kon men mooi zien dat de gang afweek in de richting van de bunker en zag men een horizontale gang vertrekken.
  • Vermoedelijk zijn ze er bij Infrabel bij het ontdekken van deze put, van overtuigd geweest dat deze put origineel verbonden zat met het bunkertje onderaan het talud. Dit bunkertje heeft echter nooit een nooduitgang of iets gehad waardoor men zou kunnen gaan vermoeden dat deze put hier restanten van zouden zijn. Ook zijn nooduitgangen, als deze al werden gebouwd, zeker nooit zo onprofessioneel uitgevoerd geweest in bunkerlinies. Deze zouden zeker verder in detail uitgewerkt geweest zijn in beton en niet zo simpel onversterkt in grond uitgewerkt geweest zijn zoals hier allicht verondersteld.
  • Daarbij komt ook nog eens dat de veronderstelling dat deze put zou verbonden geweest zijn met de binnenkant van de bunker, nog meer van de pot gerukt te zijn, als je weet dat de bunker aan de kant van het talud, een gewapend betonnen wand heeft van van1 meter dik die dan nog eens vierdubbel gewapend is.
  • Omdat men bij Infrabel met deze denkwijze is blijven zitten, heeft men het gat bovenaan het talud volledig dichtgegooid met gestabiliseerd zand maar jammer genoeg ook het schietgat van de bunker volledig dichtgemaakt. Eerst heeft men dit een tijd gedaan met een dikke houten plaat maar toen ook deze als even snel verdween dan ze gekomen was, werd het gat effectief dichtgemetst. Daarna heeft men zowel het nieuwe metselwerk als het oude metselwerk aan de toegang van de bunker gecementeerd met een ruw gebobbeld uitzicht zoals de rest van de bunker. Dit is vrij fraai uitgevoerd alleen heeft de bunker daardoor heden een zeer merkwaardig uitzicht van een bunker zonder toegangsdeur of schietgat (begint wat op geschiedvervalsing te gelijken zou ik zeggen).
  • Had men zich de moeite getroost het oude baksteen aan de toegang te verwijderen (terwijl men toch de middelen beschikbaar had om dit te doen), zou men hebben kunnen vaststellen dat er geen link was tussen het merkwaardige gat en de bunker. Tevens had men het fraaie bunkertje eens aan de binnenkant kunnen opruimen want er stak heel wat rommel in die langs het schietgat naar binnen was gegooid. Men zou na opruiming een zeer intakt bunkertje overgehouden hebben.
  • Wat is de ware toedracht achter dit merkwaardig "gat" in het talud.
  • Om de ware toedracht van deze historie te kennen, moeten we reeds terug naar ik vermoed half jaren tachtig tot beginjaren '90. Rond die periode zwerfde in die regio een merkwaardig clochard rond. Deze had op meerdere plaatsen dergelijke holen gegraven onder andere ook nog in de buurt van de heden totaal gerenoveerde spoorwegbruggen van hetzelfde talud. Hiervan zouden trouwens bij het renoveren ook nog resten van teruggevonden zijn. Deze clochard leefde letterlijk in deze holen. Hij stond er ook voor gekend her en der in de omstreek af en toe te verdwijnen met b.v. op dorpels geplaatste broden en dergelijke. Hij zou rond de genoemde periode op de duur opgenomen geweest zijn en leeft allicht heden nog altijd ergens geïnterneerd.
  • Als u op oude foto's van de bunker kijkt, kunt u zien dat deze persoon ook nog heeft geprobeerd de met baksteen dichtgemaakte toegang open te krijgen met een bijtel (linker bovenhoek). Dit viel hem zodanig tegen dat hij amper 2 stenen diep, deze poging heeft gestaakt. Dan ga je mij niet wijsmaken dat deze man wel de moed heeft gevonden door die gewapende betonnen muur van 1 meter dik en 4 dubbel gewapend te bijtelen. Dan had ik, mocht ik van hem geweest zijn, toch voortgedaan het hakken in die baksteen... De vele rommel die aan de binnenkant van het schietgat lag zou trouwens ook van deze clochard afkomstig geweest zijn. Het betroffen vooral lege recipiënten van blik en massa's flessen van sterke drank.
  • Heeft u nog meer info over deze merkwaardige historie, mag u ze mij altijd doorspelen als aanvulling.
  • Het bunkertje is dus heden vrij vlot terug te vinden maar verloor door de werken uitgevoerd door Infrabel wel veel van zijn originele charmes.
  • Dit bunkertje (samen met B43 en B44) is net zoals een aantal bunkers in Betsbergbos (Be14, Be15, Be17 en Be19) op het dak voorzien van een soort grote bloembak. Deze werd dan na constructie opnieuw met grond gevuld zodanig dat het talud of het bos gewoon op het dak van de bunker verder kon lopen. Zo waren deze bunkers vanuit de lucht totaal niet te herkennen.
  • Opvallend is ook dat er aan de toegang een soort van keermuurtje is gemaakt om de grond van het spoorweg. te verhinderen om voor het deurgat te komen liggen. Origineel zijn in oude briefwisseling reeds opmerkingen terug te vinden over verzakkingen in het talud ter hoogte van de bunker. Dit had allicht te maken met het feit dat het originele talud door de bouw van de bunker ooit deels is afgegraven geweest en niet op dezelfde manier opnieuw aangevuld en aangedamd zoals origineel bij de aanleg van het talud allicht wel gebeurde.
  • Toen dit bunkertje gebouwd was, hebben ze ook veel moeite gehad met de camouflageverf. Deze wou namelijk niet houden op het muurtje dat deels als keermuur diende tegen afschuivende grond, komende van de spoorwegtalud.
  • Het betreft hier ondanks het dichtmetsen een vrij intakt gevalletje. Enkel gepantserde deur en tablet ontbreken.

Routebeschrijving om deze bunker te vinden

  • Tussen Kalverhagestraat en Geerbosstraat loopt een veldwegel (onverhard en meestal zeer slijkerig) langs de spoorwegberm aan de kant van de autosnelweg.
  • Ongeveer halverwege deze wegel, juist voorbij een boerderij, staat deze bunker in de spoorwegtalud.
Bijhorende foto's
Funderingsplan van deze bunker met daarop de hoogtes van het originele nog niet bijgewerkte talud.
Terreinschets van het bunkertje, ingewerkt in het bestaande spoorwegtalud. Ook duidelijk zichtbaar, zijn de keermuurtjes om de toegang te beschermen tegen afkalven van het talud.
Originele grondplan. Het bunkertje had dus op deze schets een zeer uitgebreid toegangssas. Ook opvallend is het zeer grote oreillon, natuurlijk ook nodig om afkalving van het talud voor het schietgat te voorkomen.
Doorsnede AB bij bovenstaand grondplan. Ook deze bunker heeft dus bovenaan een beperkte bakvorm op het dak. Zo kon het dak van de bunker opnieuw met grond bedekt worden en zo de bunker zo veel mogelijk mee opgaan in de rest van het talud.
Doorsnede CD bij bovenstaand grondplan. Als er al een gang is van de eerder besproken put tot in de bunker zou de hier getekende zijmuur (links) moeten doorkapt geweest zijn, wat dus meer dan onwaarschijnlijk zou zijn. In elk geval is er dus origineel zeker geen sprake van enige gang.
Detail van de herziening van het toegangssas van de bunker. Dit werd hierdoor al heel wat minder groot. Alleen ligt dit aan de oorsprong van de bijkomende keermuurtjes buiten aan de toegang van de bunker.
Deze schets toont het originele grondplan met de herziening er over gelegd. Het toegangssas wordt zoals eerder reeds gezegd minder diep en complex.
Dit is voorlopig de oudste foto die ikzelf in mijn bezit heb van dit bunkertje. Het toont hem nog niet zo sterk overgroeid, in het spoorwegtalud anno 2004. (Foto Collectie Kris Vlaeminck)
B42 Kris Vlaeminck
Detail van het schietgat. De bunker had toen, nog duidelijker dan nu, zeer fraaie camouflagekleuren op de voorzijde. (Foto: Collectie Kris Vlaeminck)
Ook toen was het deurgat nog volledig dicht behalve in de linker bovenhoek. Het deurgat is dus in de jaren nadien nooit extra nog bijgekapt geweest. (Foto: Collectie Kris Vlaeminck)
In 2006 kreeg ik het bunkertje voor een eerste keer als volgt te zien. Globaal was er weinig veranderd. Alleen geraakte hij steeds meer verborgen onder het groen.
Deze foto toont een detail van het schietgat. Een schietgat met zeer mooie verfrestanten zoals de kleuren ook origineel aan de buitenkant moeten hebben geweest. De grondkleur zal zeer licht groen geweest zijn (vert de Vessie) met daarop de kleurvlekken die heden nog aan deze binnenkant en ook aan de buitenkant te zien zijn.
Als men echter ook toen al durfde een blik verderop achter het schietgat werpen, werd je beschaamd voor wat je zag. Achter het schietgat (terwijl de toegang nog volledig dicht is, dit is dus de enige manier om de binnenkant toen nog te zien en deze rommer er in te krijgen), is de bunker veranderd in een grote glasbol, aangevuld met allerhande andere rommel zoals lege verpakkingen. Nochtans is de binnenkant daarnaast nog vrij intakt aanwezig.
Blik naar de linker kant van de kamer. Allicht zijn (zeer smalle) kinderen er vroeger wel in geslaagd de bunker langs het schietgat te betreden en als kamp te gebruiken. Vandaar dat hier en daar door middel van planken en grote holle blokken bankjes zijn gemaakt aan de binnenkant.
Blik op de rechter zijkant van de binnenkant. Hier blijken zelfs afgedankte TL-lampen ingegooid.
Blik naar meer achteraan de bunker met het toegangssas. Boven het bijgemaakte bankje, de kabeldoorgangen. Klimop heeft zich via de granaatwerpgaten reeds tot binnenin de bunker weten door te wringen.
Achterkant van de bunker. Rechts zie je nogmaals de toegemetste deur. Links is ook nog interessant om te vermelden maar niet zo duidelijk zichtbaar onder de begroeiing, een betonnen keermuurtje te zien dat moest verhinderen dat de toegang van de bunker zou versperd geraken door afkalvende grond.
Dit is een detail van de beperkte poging om de toegang te openen. Omdat deze zeker met vele rijen baksteen toegemetst zit, ging de zin van degene die er in een ver verleden reeds aan begon, allicht al even snel over dan dat hij kwam. Sindsdien blijkt nooit meer effectief geprobeerd hem verder te openen.
In april 2012 ontdekten spoorwegarbeiders een gigantisch gat bovenaan het talud, ter hoogte van het bunkertje. Men ziet de lokatie hier afgespannen met wit-zwart lint. Stom genoeg werd meteen een link gemaakt met het bunkertje onderaan hetzelfde talud. Dit gat leidde tot een echte heksenjacht naar de verantwoordelijken voor dit merkwaardige gat.
Origineel dacht men dat het gat een nooduitgang was voor de bunker die bovenaan het talud eindigde. Dit houdt echter totaal geen steek daar er aan de kant van het talud een betonnen wand steekt van 1 meter 4-dubbel gewapend beton. Als ik dan toch mocht kiezen zou ik dan toch nog liever die toegang proberen vrijmaken dan mij met hamer en bijtel door 1 meter dik gewapend beton te proberen hakken.
Blik in het beangstigende gat dat in het talud werd gemaakt. Dit was ongeveer 1 meter op 1.5 meter breed maar zeker een viertal meter diep. Hoe gek moet je zijn om een dergelijk gat, ongestut zo diep uit te graven. Onderaan zag men zelfs nog een spade en een tuinschopje liggen. Verder zie je ook dat er een horizontaal stuk is verder gegraven dat inderdaad in de richting van de bunker liep.
Deze foto toont de binnenwand van de bunker waar het gat eventueel in de bunker zou moeten hebben uitkomen. Zoals met een beetje logisch verstand meteen verwacht is hier nergens een gat te bespeuren. Het zal ook niet achter de stenen rechts achteraan steken omdat je die onmogelijk in die vorm kan terugplaatsen als je in datzelfde gat de bunker opnieuw zou moeten hebben verlaten.
Het gat werd bovenaan het talud door Infrabel volledig gedicht met gestabiliseerd zand.
Jammer genoeg kregen de werken aan de bunker een minder interessante uitloper. Zo werd wegens de dwangedachte dat het gat in het talud verbonden zat met de binnenkant van de bunker, het schietgat afgesloten met een grote houten plaat. Gelukkig hield deze plaat het niet lang uit en verdween ze al even snel dan dat ze aan de bunker werd bevestigd.
Kort daarna werd door Infrabel het talud ter plaatse van de bunker volledig opgekuist en kaal gezet. Allicht om te zien of het gat niet nog bijkomende niet verwachte uitlopers had. Hierdoor is het bunkertje zeer fraai vrijgesteld en in elk geval (tijdelijk) perfect fotografeerbaar geworden.
Detail van de voorkant. Als je goed kijkt, zie je trouwens het gestabiliseerde zand nog duidelijk liggen bovenaan het talud.
Blik op zij- en voorkant van de bunker.
Blik op het wegeltje langs de bunker vanop het overgroeide dak. Dit was letterlijk als een soort bloembak uitgewerkt, een praktijk die we ook terugvinden bij enkele bunkers van Betsberg Bos.
Jammer genoeg beslisten ze kort nadien bij Infrabel weinig doordacht het bunkertje volledig af te sluiten. Zo werd het schietgat volledig dichtgemaakt. Hierdoor verdween het zicht op een zeer fraai schietgat zoals hogerop reeds zichtbaar.

Als men in plaats van voor al deze vrij nutteloze werken aan de bunker zelf te kiezen, eens had geopteerd, terwijl de middelen er toch waren, de origineel nog dichtgemaakte toegang eens vrij te maken, hadden ze het bunkertje veel beter kunnen ontdoen van al zijn rommel aan de binnenkant en met eigen ogen vaststellen dat er geen gat zou te bespeuren geweest zijn aan de binnenkant. Nu hebben ze het gewoonweg afgesloten met al de rommel die er ondertussen nog instak, inbegrepen.

Ook speelt het fraaie militaire bouwwerkje veel van zijn allures kwijt door het schietgat te laten verdwijnen alsof het er nooit is geweest. Dit laatste getuigt wel letterlijk van een weinig respectvolle wijze om om te gaan met nog bestaand militair erfgoed.

Waarom werd er in dit geval nooit eens contact opgenomen met de website zodat toch vooraf ook al had duidelijk gemaakt kunnen worden dat ze op een totaal onlogische denkpiste zaten. Veel van de heden nutteloos gemaakte kosten hadden veel efficiënter wel nuttig aanbesteed kunnen worden.

Zelfs de nauwelijks opgengemaakt toegang is op een gelijkaardige manier gecementeerd en opnieuw volledig afgesloten.

Ik moet eerlijk wel zeggen dat het aanbrengen van het Tirools uitzicht vrij goed is uitgevoerd zoals het origineel was. Jammer hoefde deze vorm van camouflage niet te zitten waar origineel het schietgat en de toegang waren.

 
Vorige (B41)
Vorige (B41)
Volgende (B43)
Volgende (B43)